|

Wil je donor worden? Dat is een keuze die iedereen voor zichzelf moet maken. Het is daarom belangrijk om erover na te denken en er over te praten met mensen uit je omgeving. Bijvoorbeeld met je ouders of je vrienden. Het geeft vaak een heel raar gevoel om over je eigen dood na te denken en te praten. Toch is het belangrijk en noodzakelijk als je een beslissing wil maken.
In Nederland is er sinds 1998 de "Wet op de orgaandonatie". Deze Deze wet levert zekerheid en duidelijkheid voor iedereen die bij donatie betrokken is. Daarnaast garandeert de wet een eerlijke verdeling van organen.
Opzet
De wet op de orgaandonatie gaat uit van het feit, dat een persoon géén donor is, tenzij hij bij leven zichzelf heeft aangegeven bij het donorregister.
- In dit verband wordt onder persoon verstaan een wilsbekwame persoon van 16 jaar en ouder.
- Heeft iemand bij leven toestemming gegeven voor donatie van weefsels of organen na zijn dood dan hebben nabestaanden geen vetorecht over dit besluit. Aan de nabestaanden hoeft dan ook geen toestemming te worden gevraagd (wel moeten deze worden geïnformeerd, zonder dat hierbij de donatieprocedure vertraagd wordt).
- Een persoon kan ook aangeven, dat zijn of haar nabestaanden (of een specifieke genoemde nabestaande) in geval van overlijden de beslissing over orgaandonatie mogen nemen.
- Worden geen specifieke personen genoemd dan is in de eerste plaats de partner bevoegd.
- Bij afwezigheid zijn dit de meerderjarige bloedverwanten tot en met de tweede graad (bijvoorbeeld kinderen, ouders).
- Zijn ook deze afwezig dan zijn aanverwanten in de tweede graad bevoegd.
- Er vindt geen orgaandonatie plaats indien er geen bevoegden aanwezig zijn of indien er geen overeenstemming bestaat tussen beslissingsbevoegden.
- Ook kan men een beslissing vastleggen in een eigen verklaring (donorcodicil). Als registratie in het donorregister verschilt met een donorcodicil dan is het meest recente document doorslaggevend.
- Ontbreekt elke vorm van registratie dan moeten de nabestaanden toestemming geven voor donatie.
Uitwerking
In 1997 ontvingen alle Nederlanders van 18 jaar en ouder een brief waarin zij konden aangeven of zij wel of geen donor wilden worden. Er kon gekozen worden uit vier verschillende opties:
- Het na overlijden voor transplantatie beschikbaar stellen van organen en weefsels
- Het na overlijden niet voor transplantatie beschikbaar stellen van organen en weefsels
- Het na overlijden aan de nabestaanden overlaten van bovenstaande beslissing
- Het na overlijden aan een specifiek persoon overlaten van bovenstaande beslissing
Op deze brief heeft 37 procent van de geadresseerden gereageerd: 54 procent daarvan (2,5 miljoen mensen) zei 'ja', 34 procent (1,6 miljoen) zei 'nee' en de overigen (12 procent) lieten de beslissing over aan anderen.
Sinds 1999 krijgen alle jongeren die in het jaar ervoor achttien jaar zijn geworden een brief van het Donorregister met deze vraag. In 2002 ontvingen 180.000 jongeren die in 2001 achttien zijn geworden deze brief. Van hen lieten zich 65.000 registeren. Ruim de helft van deze 65.000 achttienjarigen liet weten donor te willen worden.
|